Visum als professionele identiteitskaart

Gezondheidszorgberoepen in evolutie

Naar een geïntegreerde gezondheidszorg

Het visum is historisch een document dat werd afgegeven door de provinciale geneeskundige commissies en waarin de echtheid van het diploma van de gezondheidszorgbeoefenaar werd bevestigd.

De verificatie van de echtheid van het (Belgische) diploma is vandaag overbodig geworden. Het visum is vandaag louter een administratief document dat enkel kan worden ingetrokken door de provinciale geneeskundige commissies omwille van de fysieke of psychische ongeschiktheid van de zorgverlener. De rol van het visum zoals bedoeld in de wet van 10 mei 2015 is in belangrijke mate uitgespeeld.

 

Het visum is evenwel niet overbodig geworden. Het wordt omgevormd tot een “licence to practice”. De “licence to practice” is effectief een licentie om uit te oefenen “in de praktijk”. Het vormt de reflectie van de bekwaamheid van de beroepsbeoefenaar om de facto zijn beroep uit te oefenen. Het is de professionele identiteitskaart van de gezondheidszorgbeoefenaar.

 

De “Advieskamer” van Raad voor kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg heeft de bevoegdheid, in overleg met de Raad voor Gezondheidszorgberoepen, om per gezondheidszorgberoep specifieke kwaliteitsnormen op te stellen die een reflectie dienen te krijgen in het visum en zo een specifiek bewijs van bekwaamheid zijn.

 

Verkrijgen van het visum

 

Het visum wordt uitgereikt nadat de erkenning van het basisdiploma van het gezondheidszorgberoep van de bevoegde gemeenschap (na het voltooien van de basisopleiding) werd bekomen.

 

Het visum wordt om de vijf jaar automatisch hernieuwd.

De Koning krijgt de mogelijkheid een systeem uit te werken waarin de automatische hernieuwing vervangen wordt door een effectief systeem van evaluatie. Zolang dit systeem er niet is, wordt het visum automatisch hernieuwd.

 

Behouden van het visum

 

Gekoppeld aan de uitreiking van het visum heeft de gezondheidszorgbeoefenaar een verplichting tot het bijhouden van een portfolio. Hierin worden de bewijsstukken opgenomen waarmee de beroepsbeoefenaar aantoont zich voldoende te hebben bijgeschoold om up-to-date te blijven met de geldende technieken, etc. binnen zijn beroep om aldus kwaliteitsvolle gezondheidszorg te kunnen aanbieden.

 

Hoewel deze verplichting in principe op de beroepsbeoefenaar rust, kan de organisatie van een dergelijk portfolio worden overgenomen door de zorginstelling of het samenwerkingsverband waarbinnen de gezondheidszorgbeoefenaar actief is. Men dient ernaar te streven dat een degelijk bijgehouden portfolio één van de voorwaarden is om toe te treden tot een samenwerkingsverband in de (gezondheids)zorg (ziekenhuis, rust- en verzorgingstehuis, groepspraktijk, …).

 

Het portfolio wordt bij voorkeur op elektronisch wijze bijgehouden.

Voor de artsen, tandartsen en apothekers-biologen kan er een koppeling worden voorzien met het elektronisch systeem van accreditering dat door het RIZIV wordt georganiseerd.

 

Er kan worden voorzien in een systeem van accreditering voor de organisatie van opleidingen, waarvan de voltooiing door de zorgverlener in het portfolio kan worden opgenomen. Deze opleidingen worden privaat georganiseerd vanuit de academische wereld of vanuit de beroepsverenigingen. De Koning krijgt de bevoegdheid om desgevallend extra voorwaarden op te leggen waaraan de opleidingen moeten voldoen.

 

Controle op het visum

 

De Toezichtkamer van de Raad voor kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg en de gezondheidsinspecteurs van de FOD Volksgezondheid zullen een belangrijke rol spelen bij de controle op het visum. De gezondheidsinspecteurs krijgen onder meer de bevoegdheid om steekproefsgewijs te controleren of de beroepsbeoefenaar effectief de vereiste bekwaamheden blijft verwerven, of hij zich confirmeert aan de beroepspecifieke kwaliteitsnormen en of hij zijn portfolio bijhoudt.

 

Stopzetting van de beroepsactiviteit

 

Wanneer de beroepsbeoefenaar zijn dagelijkse professionele activiteiten stopt, dient hij dit aan te duiden in zijn portfolio en dit te melden aan de FOD Volksgezondheid.

De beroepsbeoefenaar vermeldt of het een tijdelijke stopzetting van de beroepsactiviteit betreft, dan wel een definitieve stopzetting.

 

Tijdelijke stopzetting van de beroepsactiviteit

 

Wanneer een beroepsbeoefenaar beslist om tijdelijk, d.i. tot na het moment van hernieuwing van het visum, zijn beroepsactiviteit stop te zetten, meldt hij dit aan de FOD Volksgezondheid. Het visum wordt door de FOD Volksgezondheid op non-actief gezet. Dit heeft evenwel hetzelfde gevolg als het verval van het visum: de beroepsbeoefenaar is niet bevoegd om het gezondheidszorgberoep uit te oefenen.

 

Indien de beroepsbeoefenaar op een bepaald ogenblik opnieuw het gezondheidszorgberoep wil uitoefenen, dient hij aan de hand van zijn portfolio een dossier in bij de FOD Volksgezondheid waaruit blijkt dat hij zich voldoende heeft bijgeschoold om op kwaliteitsvolle wijze het beroep te kunnen uitoefenen. Deze bewijsstukken dienen onder meer het hebben gevolgd van een stage te omvatten. De beroepsbeoefenaar valideert zo opnieuw zijn visum en is gerechtigd het gezondheidszorgberoep opnieuw uit te oefenen.

 

Definitieve stopzetting van de beroepsactiviteit

 

Indien de beroepsbeoefenaar definitief zijn beroepsactiviteit stopzet, meldt hij dit aan de FOD Volksgezondheid. Het melden leidt tot het verval van het visum en maakt de beroepsbeoefenaar bijgevolg onbevoegd om zijn beroep verder uit te oefenen.

 

Er wordt voorzien in een systeem van een pensioenvisum. Dit visum laat toe dat een gezondheidszorgbeoefenaar ook na zijn pensioen beperkt nog bepaalde activiteiten blijft uitoefenen. Aangezien de definitieve stopzetting van de beroepsactiviteit het verval van het visum meebrengt, dient een pensioenvisum uitdrukkelijk te worden aangevraagd bij de FOD Volksgezondheid. De beroepsbeoefenaar dient gemotiveerd te omschrijven welke activiteiten hij wenst verder te zetten.

Het systeem van het portfolio wordt niet meer behouden.

 

De Toezichtkamer van de Raad voor kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg behoudt de bevoegdheid om over de fysieke en psychische geschiktheid van de beroepsbeoefenaar en om te oordelen of voldaan is aan de kwaliteitsnormen. Indien de Toezichtkamer meent dat hieraan niet meer voldaan is, is de definitieve intrekking van het pensioenvisum de enige maatregel die kan genomen worden.

 

Lees meer

 

CONTACTEER ONS

Finance Tower

Kruidtuinlaan 50/175

B-1000 Brussel

© Kabinet Maggie De Block 2016

Laatste wijziging: 26/09/2016